Decubitus

Bij decubitus heeft u last van doorligplekken. Deze wonden kunnen erg vervelend zijn. Hier leest u meer over decubitus en maatregelen die u kunt treffen om de kans op decubitus te verminderen.

Wat is decubitus?

‘Decubitus’ is medische taal voor doorzitten of doorliggen. Bij decubitus heeft u last van wonden die ontstaan als u lang in dezelfde houding ligt of zit (doorligwonden). Andere namen voor decubitus zijn: bedzeer, drukwonde, doorligwonde of druknecrose.

Oorzaken decubitus

Bij deze aandoening heeft u een beschadiging van de huid of het weefsel onder de huid. Deze beschadiging ontstaat doordat de huid op een plek een langere tijd onder druk staat. De bloedvaatjes worden dichtgedrukt en uw huid krijgt te weinig zuurstof. Hierdoor ontstaat er schade aan uw huid en het weefsel onder uw huid. U krijgt dan last van rode plekken, blaren of wonden (doorligwonden). Ook kan decubitus ontstaan door schuifkracht. Dit komt voor wanneer u onderuit zakt in een stoel of in bed. Hierbij buigen of rekken de bloedvaten. Hierdoor kunnen huidcellen afsterven.

Vaak komen doorligplekken voor op plaatsen waar bot uitsteekt. Denk dan aan uw stuitje, uw hielen, ellebogen, schouders, heupen of uw achterhoofd.

Decubitus komt het meeste voor bij mensen die:

  • Lang in bed liggen of die veel in een rolstoel zitten (door ziekte of een ongeluk).
  • Ouder zijn dan 65 jaar.
  • Zelf lastig van houding kunnen veranderen door pijn, verlamming of coma.
  • Niet goed voelen dat de huid bekneld zit.
  • Een droge en dunne huid hebben.
  • Een slechte gezondheid hebben bij diabetes, hartfalen of COPD.
  • Onder het zweet of urine zitten (bijvoorbeeld bij koorts of incontinentie).
  • Weinig vet en/of spieren hebben.

Symptomen decubitus

Er zijn 4 categorieën van decubitus met verschillende eigenschappen:

  • Graad 1: U heeft een (rode) verkleuring van uw huid. Deze verkleuring gaat niet weg.
  • Graad 2: U heeft een oppervlakkige wond of beschadiging. Deze is alleen op de opperhuid en de lederhuid. Denk hierbij aan een schaafwond of een blaar.
  • Graad 3: U heeft een diepe wond in de huid en het onderhuidse vetweefsel. Hierbij zijn botten en spieren niet beïnvloed. Hierbij is geen necrose (afgestorven weefsel).
  • Graad 4: U heeft een diepe wond waarbij de botten en spieren ook beschadigd zijn. Dit kan zowel met als zonder schade aan de opperhuid en lederhuid. Bij deze wond is mogelijk necrose (afgestorven weefsel).

Decubitus voorkomen

Doorliggen kunt u ontwijken door deze handelingen uit te voeren:

  • Verander uw houding in uw stoel
    Probeer ieder kwartier van houding te wisselen. Ga bijvoorbeeld naar links of naar rechts hangen. Is uw stoel te hard? Gebruik dan een zitkussen.
  • Verander uw houding in bed
    Wanneer u veel in bed ligt, probeer dan iedere 4 uur van houding te wisselen. Ga bijvoorbeeld op uw rug of op uw zij liggen. Als u dit niet zelf kunt, vraag uw verpleegkundige dan om hulp.
  • Probeer niet te schuiven in bed
    Wanneer u op uw rug ligt is de ‘semi-fowler’ houding het beste. Hierbij zitten uw knieën in een knik en kan uw hoofdeinde omhoog. Ook kunt u een kussen onder uw hielen leggen.
  • Blijf goed eten
    U kunt decubitus voorkomen door te letten op uw voeding. Als u op gewicht blijft en niet afvalt, blijft uw huid en lichaam in goede conditie. Zo heeft u minder snel doorligwonden.
  • Gebruik bij droge huid een zalf of vetcrème (zonder parfum)
    Als uw huid flexibel is krijgt u minder gauw doorligplekken.
  • Gebruik incontinentiemateriaal wat u goed past
    Een vochtige huid heeft meer kans op decubitus. Als uw materiaal goed past kan het zo goed mogelijk vocht opnemen. Ook kunt u vaker uw materiaal vervangen.
  • Gebruik een decubituspleister
    Deze pleister bestaat uit meerdere lagen zacht en absorberend schuim. Deze kunt u plakken op gevoelige plekken zoals uw hiel of uw stuitje. De pleister vangt de druk- of schuifkrachten op. Vraag uw arts of wondverpleegkundige of deze pleisters voor u een optie zijn.

Decubitus behandelen

Denkt u een doorligplek te hebben? Neem dan contact op met uw arts. Samen kunt u dan kijken naar een behandeling.

Bij een wond moet de plek schoon en afgedekt blijven. Met de arts of verpleegkundige kunt u kijken naar de beste wondmaterialen. Deze bestelt u daarna eenvoudig via BENU Direct. 

Heeft u pijn? Dan kunt u bijvoorbeeld paracetamol gebruiken. Ook kan de huisarts lidocaïne of prilocaïnecrème voorschrijven. Deze crème verdooft de huid van de wond.

Als u een infectie heeft bij uw doorligplek, dan moet deze behandeld worden. Uw wondverpleegkundige kan de wond behandelen. Er kan antibiotica gebruikt worden om de infectie te bestrijden. Lees meer over wondverzorging.

Voor meer informatie of het bestellen van materiaal om de wond te verzorgen gaat u naar bestellen en advies.